Hangen en wurgen in Rotterdam
Overwinningen op Rotterdam zijn zeldzaam. Twee jaar lukte het om met Gagunashvili en Kosteniuk in de gelederen een zwaar bevochten 6-4 binnen te halen, vorig jaar werd zowel in de competitie als in de play offs verloren. In een zeer grijs verleden werd een keer een bekerwedstrijd gewonnen door loting! De histostatistici mogen het zeggen, maar ik denk niet dat ze veel zullen vinden. En zeker geen 7½-2½ overwinning.
Anders dan de uitslag doet vermoeden, heeft Share Dimension Groningen een moeizame overwinning behaald tegen de Rotterdammers, die zich zeker mogen beklagen over het feit dat 5 stellingen die ze toch enige tijd als zo goed als gewonnen konden beschouwen slechts een half (=½) opleverden. Maar ja, geluk dwing je af en de ervaring leert dat de sterkere teams toch aanzienlijk vaker ‘geluk’ lijken te hebben.
Al vrij snel stond het 1-1. Enerzijds door de vooruitgespeelde remisepartij van Yge Visser, anderzijds door de snelle remise van Igor Khenkin tegen Rotterdams topscorer Reinderman.
Deze tussenstand bleef heel lang op het scorebord staan. Er waren goede stellingen bij Nederlands kampioen Sergey Tiviakov tegen Luc Winants en bij Arkadij Naiditsch tegen Frans Cuijpers. Daar stonden slechte stellingen van Wouter Spoelman tegen Martin Martens en van David Baramidze tegen Jeroen Bosch tegenover.
Net als vorige maand in de kraker tegen Hilversum was het Baramidze die zorgde voor het breekpunt in de wedstrijd. Hij was niet best uit de opening gekomen, maar juist dan is hij levensgevaarlijk. Zo ook nu. De tegenstander greep één keer mis en werd toen vervolgens met een aantal hardhandige zetten knock out geslagen.
Tiviakov verbruikte ondertussen veel tijd. Hij moest nauwkeurig spelen om zijn voordeel uit te buiten, maar dat is hem goed toevertrouwd. Hij kwam telkens een stukje beter te staan en even voor 4 uur was de buit binnen. Met 4 uit 4 heeft hij een fantastische score.
Naiditsch en Daan Brandenburg speelden beiden ook een uitstekende partij en gaven hun tegenstanders geen kans. Eén knock out en drie wurgpartijen brachten na de eerste tijdnoodcontrole de tussenstand op 5-1 voor Groningen met nog vier verloren stellingen op het bord. Spoelman stond na de opening al slecht en kon er niets meer van maken, maar op de andere borden gebeurden de vreemdste dingen. Door snel opgeven heeft echter nog niemand een partij gewonnen. Door stug volhouden wel. Gewoon blijven hangen dus. Zolang het draadje niet geknapt is, is er hoop.
Erik Hoeksema kwam gaandeweg zeer goed te staan, maar trok op een gegeven moment bleek weg. Oeps, iets gemist. Hij hield Fred van der Vliet met actief spel onder druk, waardoor deze zijn voordeel niet vast kon houden en onder tijdsdruk in inmiddels slechtere stelling zelfs zijn Dame weggaf.
Tea Lanchava had lange tijd een gelijke stelling tegen Bonno Pel. Ergens voor de eerste tijdnoodcontrole ging het mis, waarna een verloren eindspel resteerde. Maar stug volhouden werd beloond. In tijdnood raakte Bonno het juiste spoor volledig kwijt, en liet hij zich uiteindelijk met de vlag op vallen zelfs mat zetten.
Tenslotte. Konstantin Landa was in het middenspel in moeilijkheden geraakt tegen Solleveld en keek tegen een volstrekt verloren eindspel aan. Er werd echter steeds meer materiaal geruild, tot uiteindelijk een nog steeds verloren eindspel resteerde van toren tegen paard en twee pionnen. Met de vlag steeds meer richting vallen gingen beide pionnen er af voor de toren en was de remise een feit.
Zo werd uit drie verloren stellingen na de eerste tijdcontrole toch nog 2½
punt binnengehaald, waarmee de koppositie in de meesterklasse behouden blijft.
21 april volgt nog de thuiswedstrijd tegen degradatiekandidaat, waarna op 13 mei
in de slotronde de buit –het kampioenschap- moet worden binnengehaald. Het zal
tot de laatste zet spannend blijven.
Bart Beijer